“Je moet vooral vinden wat voor jouw bedrijf werkt.”

Stijn De Wulf is landbouwer in een gemengd bedrijf met akkerbouw en melkvee. Al enkele jaren zet hij volop in op de gezondheid van zijn bodem. “We hebben een 90-tal melkkoeien en 40 tot 50 stuks jongvee. Daarnaast telen we ook aardappelen, wortelen en suikerbieten, afgewisseld met graskruiden en granen, rustgewassen die ook als veevoeding dienen.” 

Melkveehouder Stijn De Wulf

Hoe komt het dat je bent beginnen letten op je bodemgezondheid? 

“Het was deels een gemakkelijkheidsoplossing. In 2018 merkten we op dat ploegen enorm intensief is, zowel qua manuren als brandstof. We vroegen ons af of we dat niet anders konden aanpakken. Kort daarna kwamen we via een kennisgroep in contact met andere landbouwers en ontdekten we dat er heel wat mogelijkheden zijn. Zo zijn we gestopt met ploegen en ook andere bodembewerkingen minder intensief gaan doen. Simpel uitgedrukt: je wilt niet telkens ‘het huis van je bodemleven afbreken’. Met intensieve bewerkingen maak je bijvoorbeeld letterlijk de gangen van regenwormen kapot. We proberen daarom alleen nog te doen wat echt nodig is.”

Wat doe je verder om je bodem gezond en bewerkbaar te houden? 

“We zaaien complexe of gemengde groenbedekkers, met verschillende plantensoorten door elkaar. Die zorgen ervoor dat de grond vanzelf rullig en makkelijker bewerkbaar wordt. De bodembewoners doen het werk voor ons, en zij doen dat veel beter. In ons grasland zijn we ook kruiden en klavers gaan inzaaien, zoals rode klaver, luzerne, cichorei en weegbree. Die wortelen dieper en sommige, zoals klavers en luzerne, kunnen samen met bacteriën stikstof uit de lucht halen. Zo dragen ze bij aan een rijkere bodem.” 

Hoe zie je de resultaten van je inspanning? 

“We merken het vooral bij weersextremen. Bij intense droogte zien we dat we nog altijd opbrengst hebben wanneer het elders heel droog is, en bij hevige regen zien we dat het water goed in onze grond sijpelt. Maar het gaat verder dan die opbrengst alleen. Een gezonde bodem levert ook op langere termijn voordelen op. Ik vind het bijvoorbeeld zonde als percelen na de oogst de hele herfst, winter en soms zelfs tot het voorjaar braak liggen. Als je de organismen in de bodem in de voedt met plantenresten en wortelexudaten – dat zijn de suikers die planten tijdens de groei uitscheiden in de bodem – heb je een veel betere bodem voor je gewassen het jaar erop. Als je bodem altijd bedekt en liefst begroeid is, zet je een vliegwiel in gang dat zorgt voor koolstofopbouw, een grotere spons voor regenwater en zoveel meer.” 

Klaver

Wat waren voor jou de grootste struikelblokken of valkuilen? 

“Kennis. Ik wil geen steen werpen naar het onderwijs, maar we zijn een beetje verkeerd opgeleid. Technieken die we nu herontdekken, werden 100 jaar geleden ook al gebruikt, maar die kennis is jammer genoeg wat verloren gegaan. We vervangen het werk van de natuur met kunstmest, terwijl dat een hoge kostenpost is. We worden opgeleid met sproei- of spuitschema’s die voortdurend veranderen, terwijl de link tussen planten en bodem veel minder aan bod kwam. Ik geloof in de meerwaarde van oude technieken in een modern jasje. Onderzaai, waarbij je een tweede gewas tussen je hoofdgewas inzaait, is daar een mooi voorbeeld van. En uiteraard omarmen we moderne technologie even goed: zo proberen we met behulp van gps met vaste rijpaden te werken in ons kruidenrijk grasland. 

Maar ook durf speelt een rol. Soms voel je je wat alleen, en iedereen is gewend om op zijn eigen manier te werken. Het heeft ons geholpen om aan te sluiten bij een inspiratiegroep van Inagro. Daar praten we met andere landbouwers die bezig zijn met bodemleven, agro-ecologie of regeneratieve landbouw. Dat voelt nu als onze speeltuin: samen ontdekken we wat er allemaal mogelijk is. En dat is belangrijk, want de link tussen een gezonde bodem, gezonde koeien en gezonde voeding wordt vandaag wat onderbelicht.” 

Tips voor andere landbouwers? 

“Je bodem is niet in enkele jaren hersteld van verdichting. Eén keer niet ploegen maakt het probleem niet meteen ongedaan: bodemgezondheid is echt een proces van jaren. Een laagdrempelige manier om te starten, is je bodembewerking verminderen en graskruiden introduceren. Begin voorzichtig en doe ervaring op. 

Ook kan het lonen om eens rond te horen, zowel voor melkveehouders als akkerbouwers. Want ze kunnen elkaar namelijk helpen: de ene kan mest kwijt, de andere kan rustgewassen telen die als veevoeding kunnen dienen. Herkauwers spelen een belangrijke rol in bodemgezondheid, een rol die volgens mij nog vaak over het hoofd wordt gezien.  

Voor mij blijft het belangrijkste dat technologie een hulpmiddel is, maar dat de oplossing voor veel hedendaagse problemen vooral in de biologie zit – van planten tot bodem.” 

Meer lezen over bodemgezondheid? Doorblader nu ons factbook 2026